Blog 2 Vaart

Gepubliceerd op 19 mei 2015 om 16:55

En toen waren ze er: kinderen. Drie stuks. En wat daarbij kwam, wij waren er ook ineens: ouders. Twee in totaal. Een vader en een moeder. Naast al die andere rollen die we vervulden in het leven, stonden deze ineens centraal.


Het begon met ons eerste kind, een jongen, die na een zware zwangerschap en onmogelijke bevalling met open armen werd ontvangen in ons nieuwe gezin, in onze familie. Lief, arm kind, eerste kleinkind in beide families, onze eerstgeborene, aan aandacht geen gebrek. Ieder boertje, iedere voeding, ieder scheetje werd gehoord/gezien/gemonitord en vastgelegd. Een wijze vriendin heeft in die eerste jaren wel eens gezegd dat het eigenlijk wel zielig was dat iedereen zo bovenop hem zat, dat hij bijna geen ruimte kreeg om het zelf uit te zoeken, want we wilden het zo goed doen met z'n allen. Volgens het boekje. Want vergelijkingsmateriaal hadden we niet.
Geen vrienden en familie in dezelfde levensfase met kleintjes, dus wij gingen uit van de literatuur en verder van wat ons kind zelf al kon.
 
Zo hebben wij het altijd heel normaal gevonden dat ons kind al kon lezen voor hij naar school ging (kon zijn moeder ook, dus niks geks aan), dat hij keurig op de stoep bij ons bleef lopen als we gingen wandelen en dat hij op tweejarige leeftijd al in volzinnen sprak. Maar dat hij nog niet kon fietsen was wel een puntje, en dat hij nooit iets ondeugends deed, vonden we ook gek. Ik weet nog dat ik best vrolijk werd van het bericht dat onze zoon 'straf' had gekregen op de BSO omdat hij op het houten hek had gekrijt, wat toch echt duidelijk verboden was! Afgezien van het feit dat ik het onzin vond dat je niet op een houten hek mag krijten, vond ik het fijn om te merken dat hij een eigen actie had ondernomen buiten het gareel om.
 
Vijfenhalf jaar later kwam onze tweede zoon. Een heel ander kind. Zoals ze noemen, een woelwatertje. Nooit stilzitten, altijd actief, altijd in de weer, altijd vrolijk. Ons zonnetje in huis, want hij had overal zin in. En een boefje tot en met. Als baby al van die heerlijke ondeugende glimoogjes als hij zich achter het gordijn verstopte om vervolgens met veel kabaal weer gevonden te worden. Bij hem hadden we gelijk het gevoel: die gaat er komen, maakt niet uit hoe, maar hij weet het wel en regelt dat ook. Fijn hoor, maar wel heel anders dan zijn bedachtzame grote broer. Want als ware kamikazepiloot alles doen zonder dat zijn lijf al groot genoeg was, heeft ons heel wat dokterspost- en ziekenhuisbezoekjes opgeleverd. Gebroken been, armpjes uit de kom, heel verdrietig, en van blauwe plekken en schrammen kijken we niet eens meer op! Als ouders waren we verworden tot zorginstelling en opletpolitie.
 
Daarnaast bleven we onze oudste constant begeleiden in de eerste schoolperikelen en bleek dat hij school eerst superleuk en daarna superstom vond. Van uitdaging naar verveling tot hekel aan, is in drie jaar tijd zomaar gebeurd. En aangezien wij middenin de vaart der volkeren zaten met een derde op komst, een burnout en ook nog werk waar we iets druks mee moesten omdat we geld binnen moesten halen om de hypotheek te betalen, hebben we niet overal alert op gereageerd. Van 'kom op maak er maar wat van', tot huiswerk/strafwerk, binnen moeten blijven, juist naar buiten moeten, fysiotherapie, psychologische begeleiding, uitgebreide test en onderzoeken, alles hebben we langs zien komen.
 
En toen kwam de derde: het zusje. Wat een blijdschap bracht ze in ons gezin! Twee verliefde grote broers, twee verliefde ouders, wat een prachtig kindje dat ons overkwam! Een heerlijke verrassing voor ons allemaal. En, hoe gek het ook klinkt, een ruimtebrenger. Want het is echt drukker met drie kinderen. Er moet meer gekookt, gezorgd en gehuishoudend worden. En er is ook meer geld nodig om het gezin drijvend te houden, dus moet er serieus hard gewerkt worden. Maar tegelijkertijd komt het besef binnen dat het onmogelijk is om alles goed te doen, en dat je moet kiezen wat je echt belangrijk vindt. Daar moet je dan energie in steken. En al die andere dingen, laat maar gaan.
 
Wij als ouders kregen juist meer ruimte in ons hoofd, door dit derde druktemakertje. Want dat is ze. Enerzijds heeft ze het bedachtzame van haar oudste broer, anderzijds het beweeglijke van haar kleine grote broer. Zij gaat het helemaal zelf voor elkaar krijgen, weet haar mimiek al in te zetten om precies te krijgen wat ze wil, en is met anderhalf al een volleerd boekenlezer, zelfs zonder lettertjes kan ze al uren zoet brengen met een stapel boekjes.
 
Heerlijk toch zo'n vol leven met kinderschare. Maar toch wringt het. Niet alleen vanwege de drukte. Niet alleen vanwege de burnout, of het werk. Vooral vanwege alles samen en met name de school van de oudste. Hoe leergierig onze kleine professor was begonnen aan school, en met hoeveel tegenzin hij nu dagelijks op pad ging. Dat hij het liefst onzichtbaar zou willen zijn. Niet zoals je als ouders je kind graag ziet.
Wat te doen? Hoe het tij te keren?
 

«   »

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.